577809 RIB Voortgang mer-procedure Ontwikkeling Maritiem Cluster en aanhouden participatie Ravelijnbrug
Aan de leden van de gemeenteraad,
Met deze raadsinformatiebrief informeert het college de gemeenteraad over de voortgang van de milieueffectrapportage-procedure (mer-procedure) voor het programma Ontwikkeling Maritiem Cluster (OMC). De concept-Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) heeft ter inzage gelegen.
Hierbij zijn meerdere zienswijzen ingediend en is het advies ontvangen van de Commissie voor de milieueffectrapportage (Commissie-mer). Het programma OMC verwerkt de ontvangen adviezen in een Nota van Beantwoording (NvB). Het college kiest ervoor om de participatie rondom de locatiestudie Ravelijnbrug te starten na vaststelling van de NvB.
1. Aanleiding en achtergrond
Op 19 maart 2026 heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd (via raadsinformatiebrief 567413) over de start van het participatietraject rondom de Locatiestudie Ravelijnbrug fase 2, als onderdeel van het programma Ontwikkeling Maritiem Cluster. In deze raadsinformatiebrief is gemeld dat de concept-NRD ter inzage lag als startdocument voor de mer-procedure. Tot en met 30 maart 2026 konden zienswijzen worden ingediend.
2. Ontvangen advies Commissie mer
Het programma OMC heeft de Commissie mer advies gevraagd over de concept-NRD. Dit advies is inmiddels ontvangen. De Commissie mer adviseert onder meer om:
- De doelen van het OMC-programma concreter en meetbaarder te maken, zodat de effecten van alternatieven goed kunnen worden beoordeeld.
- Inzichtelijk te maken welke eerder onderzochte alternatieven zijn afgevallen en waarom.
- Aanvullende alternatieven te onderzoeken die bijdragen aan de doelstellingen van het programma OMC.
3. Ingediende zienswijzen op de NRD
Op de concept-NRD zijn meerdere zienswijzen ingediend. Een deel daarvan heeft betrekking op de Ravelijnbrug; een ander deel richt zich op bredere alternatieven voor de bereikbaarheid van Den Helder. De beantwoording van de zienswijzen is momenteel in voorbereiding en wordt naar verwachting deze zomer afgerond.
4. Vervolgaanpak: Nota van Beantwoording
Het programma OMC verwerkt het advies van de Commissie-mer en de ingediende zienswijzen in samenhang in een NvB. In deze nota wordt ook toegelicht hoe het advies wordt verwerkt en welke alternatieven in de verdere mer-procedure worden onderzocht.
5. Participatie volgt de mer-procedure
In september 2025 heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd dat definitieve keuzes worden gemaakt nadat alle mogelijke oplossingen zijn onderzocht en tegen elkaar zijn afgewogen. De mer-procedure is het instrument waarmee deze zorgvuldige afweging nu wordt gemaakt. Door de juiste vervolgstap in de participatie, kunnen bewoners goed worden geïnformeerd over wat er voorligt: welke alternatieven zijn onderzocht, waarom bepaalde alternatieven zijn afgevallen en hoe de overgebleven opties bijdragen aan de doelstellingen van het OMC-programma. Zorgvuldigheid en een logische volgorde wegen daarbij zwaarder dan snelheid.
Het college kiest er dan ook voor om de participatie over de Locatiestudie Ravelijnbrug fase 2 — inclusief het vrijgeven van het rapport — te starten nadat de Nota van Beantwoording is vastgesteld en de aanpak van de mer-procedure is bepaald.
6. Planning en vervolgstappen
De Nota van Beantwoording komt naar verwachting deze zomer gereed. Zodra deze is vastgesteld en duidelijk is welke alternatieven en locatie in de mer worden onderzocht, wordt bepaald wanneer en op welke wijze de Locatiestudie Ravelijnbrug fase 2 openbaar wordt gemaakt en het participatietraject start.
De klankbordgroep blijft actief betrokken bij de verdere stappen en de opzet van het participatietraject. In juni vindt een vervolgbijeenkomst plaats.
De gemeenteraad wordt geïnformeerd zodra er nieuwe stappen worden gezet.
Den Helder, 26 mei 2026.
Met vriendelijke groet,
Burgemeester en Wethouders van Den Helder,
J.A. (Jan) de Boer MSc.
burgemeester
K. (Koen) van Veen
secretaris